Leven in de herkansing

Canada

Ik ben aan het snuffelen in mijn eigen geschiedenis en die van mijn voorouders. Mijn oma voornamelijk, omdat ik een boek aan het schrijven ben, of beter gezegd, ik ben haar brieven van zestig jaar geleden aan het beantwoorden. Brieven die ze schreef uit Canada, waar ze op hoge leeftijd naartoe emigreerde.

Hoewel ik de brieven heb en de verhalen ken, wilde ik controleren of het allemaal klopte zoals ik het in mijn hoofd heb. Gelukkig kun je tegenwoordig  veel dingen online onderzoeken. Zo vond ik van mijn oma de geboortedatum, sterfdatum en de datum waarop ze trouwde met opa. De sterfdatum klopt, het was in het jaar dat er mannen op de maan liepen, ze was drieënnegentig toen ze stierf, dus haar geboortedatum zal ook wel kloppen.

Vischhandelaar

Opa en oma hadden een viswinkel toen ze trouwden, achter de Maagd van Holland, vertelde mijn vader altijd. Dat klopte met de adresgegevens. Nieuwe Markt 7 in Rotterdam.

In 1902 trouwden ze en gingen ze daar wonen. In 1919 verhuisden ze naar de Adamshofstraat. Daar wist ik van. Mijn vader had me verteld dat opa de viswinkel niet meer kon bolwerken nadat hij invalide geworden was door de ziekte van Parkinson, oma is toen een wasserij begonnen in de Adamshofstraat. Hij wist ook altijd verhalen te vertellen hoe hij het als kind van een vishandelaar ervaren had. Na schooltijd eerst vis schoonmaken voor je aan je huiswerk kon beginnen. Over klanten die bokking kwamen halen voor de kat, terwijl ze geen kat hadden en van het mooie meisje dat elke week sprot kocht. Echte Engelse Sprot.

Toch klopt er het een en ander niet. Op het moment dat opa en oma verhuisden was mijn vader pas drie. Ook gek dat opa’s beroep veranderde van vischhandelaar naar bootwerker. Oma had weleens verteld dat ze met de winkel gestopt waren vanwege de oorlog. Ik dacht vanzelfsprekend aan de tweede wereldoorlog, vrijwel de hele Nieuwe Markt stond in brand bij het bombardement. Ook dat kan niet waar zijn, het was in 1919. Ze werden dus het slachtoffer van de eerste wereldoorlog, wat achteraf best te begrijpen was; er zal niet veel van zee gekomen zijn in die tijd.

Raadsels

Zo zijn er nog wat raadsels die opgelost moeten worden. Een van de dingen die ik ook maar half wist was van het broertje van mijn vader. Oma had altijd een groot portret in haar slaapkamer. Daar stond een kind op in een lange, witte jurk. Een meisje leek het. Oma vertelde daar nooit iets over, mijn vader wel. Het was een jongetje, gestorven toen hij vijf was aan een darmafsluiting. Het was op zondag, daarom durfden opa en oma niet naar de dokter te gaan. Ik wist niet dat het broertje dezelfde namen had als mijn vader. Alsof hij in de herkansing leefde. Ik vraag me af of hij dat zelf wist. Hij heeft er nooit blijk van gegeven. Het zal nog wel even duren voor alle puzzelstukjes op hun plaats vallen.