Solliciteren

Vandaag had ik een sollicitatiegesprek. Nee, het was geen droom, het was echt. Het is nooit mijn bedoeling geweest om met mijn armen over elkaar te gaan zitten. Zo kort na het begin van mijn pensioen aan iets nieuws beginnen had ik eerlijk gezegd ook niet in gedachten. Soms zie je nu eenmaal iets wat je niet voorbij kunt laten gaan. Het was lang geleden dat ik een sollicitatiegesprek had. 1979 om precies te zijn, althans, een sollicitatiegesprek voor mezelf. Een succesvolle sollicitatie indertijd. Tot 2017 ben ik bij het bedrijf blijven werken. Dat zal me nu niet meer lukken, om zo lang te blijven. Ik kreeg nu gelukkig ook geen klapband op de terugweg, net als toen.

Vandaag was mijn gesprek met Sylvia. Dat sprak Rosemarie zo met me af, bij ons telefoongesprek nadat ik mijn interesse had laten blijken. Een beetje mysterieuze opdracht gaf ze me mee. Ik moest gaan zitten in de ontmoetingsruimte links naast de ingang. Die ingang was misschien wat lastig te vinden, dacht ze, want die lag wat terug van de straat. Ik had het al gezien met Streetview. Het was ruim een uur trappen langs een route die ik nog nooit gefietst had. Toch lukte het me om op tijd te zijn en daar was ik behoorlijk trots op.

Vrijwilliger bij de Digigroep van een Afasiecentrum wil ik graag worden, afasiepatiënten leren omgaan met digitale middelen zoals tablets en smartphones. Dat heeft onder andere te maken met een oudere collega die ik ooit had. Hij werd getroffen door een beroerte en raakte daardoor arbeidsongeschikt. Na een lange revalidatieperiode verdwenen veel klachten, maar niet zijn Afasie en niet zijn halfzijdige verlamming.

Afasie is een nare taalstoornis. Er zijn veel varianten van. Bij hem kwam het erop neer dat wat hij zei vaak onbegrijpelijk was. Hij kwam moeilijk uit zijn woorden, benoemde dingen verkeerd en zijn grammatica functioneerde niet. Of hij andersom begreep wat er tegen hem gezegd werd was ook niet altijd duidelijk. Wel werd hij zichtbaar gelukkig toen hij weer de beschikking kreeg over zijn PC. Dat had niemand verwacht en het had zeker geen prioriteit gekregen in het revalidatieproces. Het was 1997, PC’s waren nog niet erg ingeburgerd, er waren nog niet veel mensen die er goed mee om konden gaan. Herman wel. Hij wist bestanden te vinden waar niemand weet van had en ging verder met het afmaken van de technische tekeningen die hij voor zijn infarct begonnen was. Onbegrijpelijk, zeker als je bedenkt dat computers in die tijd alleen nog onder DOS werkten met lastige commando’s die via het toetsenbord ingevoerd moesten worden. Herman heeft niet lang meer geleefd. Blijkbaar was er meer ontregeld. Ik heb nog vaak aan hem gedacht. Hoe moeilijk het geweest moet zijn om niet meer met anderen te kunnen communiceren. Hoe onbegrijpelijk het was dat hij nog wel alle commando’s kende. Daar wil ik graag meer van weten. Daarnaast lijkt het mij een zinvolle tijdsbesteding.

Ik zat er nog geen vijf minuten toen Sylvia binnen stapte. ‘Goedemiddag,’ zei ik, ‘ik denk dat wij een afspraak hebben.’ dat is het mooie van deze tijd, dat je volslagen vreemdelingen kunt Googelen. Ze gaf me een hand en nam me mee naar een rustigere plek. we hebben een goed gesprek gehad. Sylvia legde het een en ander uit van wat er van me verwacht werd, ik lichtte mijn kwaliteiten toe. Of ik het kan en of het wederzijds bevalt zal nog moeten blijken. Afgesproken is dat ik een paar keer mee draai in een groep. Voorlopig één keer per week. Ik ben heel benieuwd.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *